Hij was met zijn scootmobiel het kanaal in gereden. “Recht vooruit” zeiden omstanders. Familie kon zich echter niet voorstellen dat hij dit bewust had gedaan. “Het is een opgeruimd man, altijd opgewekt”. Hij werd gereanimeerd en kwam bij ons op de intensive care. Met zijn 160 kilogram was hij te zwaar voor een normaal bed en kreeg er dus eentje voor adipeuze patiënten.

En hoewel ik het moeilijk vind om toe te geven, ik vond er toen wat van. Ik dacht aan mijn rug en sprak dat ook uit. Mijn collega’s zo hetzelfde. Dik ben je niet zomaar, dat komt ergens door en daar moeten wij nu onze ruggen voor opgeven. In de tijd dat hij aan de beademing lag wilde ik liever niet voor hem zorgen. “Hij geeft niet mee, hij is mij te zwaar”.

Ook al vertelde de familie over zijn pogingen om af te vallen, en zijn eeuwige dieet, ik knikte vriendelijk maar geloofde er weinig van. In zijn ogen zal hij er vast alles aan hebben gedaan om af te vallen, maar dat is nog altijd minder dan noodzakelijk is. Moet wel, want hij is nog steeds dik.

En toen werd hij wakker. Hielp mee waar hij kon, deed ons allen versteld staan. Hij wierp letterlijk zijn volle gewicht in de schaal. Niets was hem te veel. Het is de eerste keer dat ik de “sta-op functie” van het bed heb gebruikt bij een adipeuze patiënt. Rug rechtop, achterschot uit het bed, beensteun als zitting omlaag zodat hij met zijn voeten bij de grond kon. Hij stond erop, om zelf op te staan. Hoefde geen steuntje, geen armpje, hij deed het zelf want wij moesten “aan de rug denken jongedame”. En steeds op zijn verzoek vier maal daags uit bed. Deze man zette door!

Zijn goede humeur stak ons allemaal aan. Hij kon geweldige grappen vertellen. Liet zijn kleinkinderen gierend over hem heen klimmen. Liet een schilderij meebrengen voor op de afdeling, met een gedicht dat hij zelf had geschreven. Zijn zorgen over zijn gewicht waren groot, hij wilde zelf zo graag maar het lukte hem niet om af te vallen. Voor een operatie kwam hij niet in aanmerking omdat hij niet had kunnen bewijzen dat hij kilo’s kwijt kon raken.

De scootmobiel was defect geraakt en wilde niet meer links of rechtsom. Meneer was zonder paniek ten onder gegaan. Het komt allemaal wel goed had hij gedacht. Hij wilde helemaal nog niet dood, hij genoot nog teveel van zijn familie en vrienden. Na vier weken op de intensive care zwaaide we hem met het gehele werkende team uit naar de afdeling. Hij huilde van het lachen en van dankbaarheid. Want dat was hij. Dankbaar voor alles in zijn leven….

En ik… ik had zo vreselijk over hem geoordeeld, nog voordat ik hem daadwerkelijk had leren kennen. Maar eigenlijk leerde ik door hem mezelf een beetje beter kennen. En dat was niet fraai.

Zuster Velthuys

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s